woensdag 4 maart 2026

Een school voor olifanten

 Sophy Roberts




“Het [is] moeilijk om over een land en een verleden te schrijven als je van buitenaf naar binnen kijkt,” mijmert Sophy Roberts wanneer ze haar reflectie in het raam van een trein ziet. Onnodige nederigheid, want ze doet dat schitterend.

In het begin van de 19e eeuw telde Afrika 26 miljoen olifanten. Dat kon Leopold echter worst wezen: hij bracht vier tamme beesten uit India mee als efficiënt transportmiddel, om zo snel en zo veel mogelijk waardevolle zaken uit Congo te verslepen.

Na Verdwenen piano’s van Siberië biedt ze opnieuw een boeiend en intrigerend verhaal aan. Ze beschrijft het kolonialisme aan de hand van een opmerkelijk voorbeeld, een Belgisch. Ze vertelt een vergeten verhaal. In 1879 werd, op bevel van Leopold II, een expeditie opgezet die vier Indiase olifanten naar het Tanganyikameer moest brengen. Merkwaardig, want ook al telt Afrika vandaag minder dan 500.000 olifanten, waren dat er in het begin van de 19 eeuw nog ongeveer 26 miljoen. Dat kon Leopold echter worst wezen: hij bracht vier tamme exemplaren mee als efficiënt transportmiddel, om zo snel en zo veel mogelijk waardevolle zaken uit Congo te verslepen.

De originele karavaan telde een honderdtal mensen, allen te voet. Op basis van notities en tekeningen volgt Roberts het traject, zelf voorzien van een volledig uitgeruste terreinwagen, uitstekende kaarten, een GPS, een telefoon en een adresboek. Toch verliest ze verschillende keren het spoor, omdat het landschap zijn identiteit verloren heeft. De ondoordringbare acaciabossen, metershoog en met lange doornen, zijn verdwenen; een kale, droge vlakte resteert. Ze merkt op dat de parallellen tussen beide tochten, zowel wat omgeving, context als doel betreffen, volledig ontkoppeld geraakt zijn.

Sophy Roberts is een uitmuntend verhalenverteller. Ze is geschiedkundige, en dus vertrouwd met het doorploegen van archieven, en journaliste, die onder meer voor de Financial Times schrijft. Ze kijkt graag kritisch en houdt van context: alleen al de eindnoten beslaan ruim 50 pagina‘s. Ze is erg beschrijvend, maar koestert sporadisch het understatement (Leopold “was notoir gevoelig voor minachting”) en biedt ruimte aan poëtische overpeinzingen (“de zon kwam op en kluiten helderwitte wolken hingen roerloos …”, “het geleende maanlicht”, …).

Ze gebruikt de olifantenexpeditie om de mechanismen van het kolonialisme bloot te leggen. Ze geeft voorbeelden om aan te tonen dat er niets veranderd is. Een lokale bewoner stelt: “Ontdekkingsreizigers komen kijken wat we hebben, welke grondstoffen, en net als alle anderen komen hun mensen vervolgens alles wegroven. Ze suggereert dat vandaag bijvoorbeeld Oman en China die rol spelen. Maar, niet te vergeten: de originele expeditie was deel van de ‘Wedloop om Afrika’ en mondde uit in decennia van gewelddadige Europese overheersing. Roberts benadrukt hoe meedogenloos Leopold was; hij zag zich in 1908 met tegenzin verplicht zijn privé-bezit Congo aan de Belgische staat te verkopen, omdat de buitensporige mensenrechtenschendingen hem geen andere keuze lieten. Hij wordt verantwoordelijk geacht voor de dood van ongeveer 10 miljoen Afrikanen, en dat in een periode van slechts 23 jaar (1885 – 1908). Frappant is hoe de Europeanen zichzelf toch legitimeerden: ze schreven bewust een foute versie van de geschiedenis, hielden vol dat ze een toekomst voor Afrika bouwden, dat het continent naar hun komst uitkeek. Het verhaal is mooi, pijnlijk en onthutsend. Roberts neemt je op sleeptouw en biedt je regelmatig het gevoel dat je mee op expeditie bent.

https://www.lannoo.be/nl/een-school-voor-olifanten

Deze tekst verscheen op 23 februari 2026 op de site van BBL https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/de-olifant-de-kamer

maandag 19 januari 2026

Het betonnen beleid

Quinten Jacobs





 Meer rechtspraak voor minder regels?

Het Betonnen Beleid is een hit, zowel in de wandelgangen van het parlement als in het brede medialandschap. Niet onverdiend, maar het loont ons de vraag te stellen: kan een systeem dat gebukt gaat onder gemotiveerde rechtspraak, wel losgemaakt worden door nog meer van datzelfde? Huisrecensent Johan Van den Broek gaat op zoek naar antwoorden.

Quinten Jacobs is jong, bekwaam en ambitieus. Hij werkt voor een gerenommeerd advocatenkantoor, is verbonden aan de KU Leuven, en schrijft regelmatig opiniestukken in De Tijd. Hoedje af dus, en begrijpelijk dat hij in de schijnwerpers komt. Zijn verhaal gaat als volgt: de beleidsmarge is onbestaand klein geworden. Politici zitten zogenaamd ‘aan de knoppen’, maar in welke richting je die ook draait, steeds duiken er juridische obstakels op. Het besturingssysteem draait vast.

Hij werkt dit uit volgens drie lijnen: de Belgische staatsstructuur, de Europese Unie en de evolutie van onze mensenrechten. Zijn verhaal is opvallend helder: geen enkele zin uit z'n boek kan je schrappen zonder erbij te verliezen, en er toevoegen zou amper meerwaarde opleveren. Zo legt hij haarfijn uit hoe het samenspel van een federalistische bevoegdheidsverdeling en confederale beschermingsmechanismen altijd tot stilstand leidt. Beleid kan jarenlang in ontwikkeling zijn, en toch tot een complete stilstand leiden: denk maar aan de casus stikstof, die hij als voorbeeld neemt. Op zich niets uitzonderlijks: bij schaken kan je gerust voor remise gaan, en wordt politiek niet regelmatig vergeleken met schaken?

Maar wat doe je als het speelveld te vol is? Wieden. Met goed gereedschap kan een ervaren tuinman snel en effectief ruimte creëren, maar de politiek ontplooit zich op een andere snelheid. "Politiek is geduldig boren in dikke planken", zo stelt Jacobs het bij monde van de Duitse historicus Max Weber; in België zijn die dikke planken gebetonneerd. Jacobs is een uitmuntend jurist en legt voor zijn drie lijnen uit wat hij wil bereiken: ruimte maken in het beleidsveld, of ‘ontvlechten’. Om dat verhaal te vertellen, wordt hij inmiddels in het halve land uitgenodigd, tot bij de premier. Telkens oogst hij lof. Waarom politici zo weg zijn van zijn verhaal? Omdat ze ervan uitgaan dat hij inspiratie biedt, opdat zij terug volop ‘aan de knoppen kunnen draaien’.

In theorie is de rechtspraak even waardenvrij en onpartijdig als de wetenschap: iedereen gelijk voor de wet. Maar is een wetenschapper die meewerkt aan de atoombom, volledig ontslagen van de verantwoordelijkheid voor het gebruik ervan? Hebben, analoog hieraan, juristen niet ook  deelgenomen aan de verdichting van het beleidsveld die Jacobs vaststelt? Hebben zij zich niet iets te makkelijk geplooid naar de verzuchtingen van het beleid, volgens de houding "Zeg me wat je wilt, en ik zorg voor de sluitende juridische onderbouwing"? Wie, anders dan de juristen zelf, kon voor elke regel een uitzondering bedenken en uitspelen? Is het niet deze aanwas van à la carte-rechtspraak die tot een structurele betonnering geleid heeft?

Het is uiteraard een stap te ver om de juristen als enige verantwoordelijk te stellen voor deze impasse, maar net daarom is het even kortzichtig de volledige oplossing bij hen te zoeken. Als je niet waardevrij kan verdichten, kan je ook niet waardevrij ontvlechten. Elke keer beleidsmakers Jacobs uitnodigen, aan hun zijde of in de krant, nemen ze reeds in overweging welke regels in het verdichte speelveld weggesnoeid mogen, uiteraard afgemeten aan de belangen van de achterban. Welke plaats het maatschappelijke belang in de denkwereld van politici krijgt, is onduidelijk. Na een rondje ontvlechting, mogen we ons opnieuw verwachten aan een systeem dat aan niet alle belangengroepen maximaal comfort biedt: het verhaal kan opnieuw beginnen.

Waar Jacobs minder aandacht aan besteedt, is de vraag waaróm het beleidsveld volledig verdicht is. Zijn beroepsgroep heeft hier ongetwijfeld een belangrijke rol gespeeld, weliswaar op vraag van de politiek. De afgelopen 50 jaar is onze maatschappij immers meer en meer gejuridiseerd; ga maar na hoe het Vlaamse parlement uitpuilt van de juristen. Dan krijg je een overdaad aan regels, in een speelveld van onzorgvuldig afgelijnde taken en bevoegdheden. Waarom? Omdat de politici graag de kiezer behagen, desnoods met kortzichtige steekvlammetjes. Het getuigt allemaal van een gebrek aan burgerzin. Laat de juristen een versnelde cursus ‘tuinman’ volgen, kweek burgerzin, en werk aan een wereld waarin iedereen als burger kiest, en niet als individu. Datzelfde eenvoudige antwoord kon je vorige maand nog lezen in De Tijd: als bedrijven ethisch handelen, worden extra regels gewoon overbodig.

https://ertsberg.be/boek/het-betonnen-beleid/

Verschenen op de site van BBL op 16 jan 2026

https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/meer-rechtspraak-voor-minder-regels