dinsdag 4 augustus 2026

Je zit op een stoel

 Bob Vanden Broeck




We doen het allemaal, elke dag, bijna steeds van het ene specimen naar een ander: op een stoel zitten. Bob Vanden Broeck schreef er een boek over. Hij vertelt over wat er door het hoofd van de stoelzitter raast. Dat is een heuse wervelwind, een duizelingwekkende hoofdtempeest. Of het een ‘blijvenzitter’ is, of eerder een ‘zittenblijver’? Wel, als je een ‘er was eens’-verhaaltje verkiest, zit je hier in elk geval fout. Geniet je van taal en durf je vragen stellen, aarzel dan niet, het is een zuiver goudklompje.

‘Je wil niet zitten, je wil bewegen maar je moet tegelijk ook op de stoel blijven zitten en hoe kan je zowel blijven bewegen als zitten, zowel bewegen als blijven zitten, zowel blijven als bewegen en zitten?’ Het is een chaotische opstapeling van beelden die doorheen je hoofd flitsen, over een vlieg, stemverheffing, het vastnemen van een mok en nog duizenden andere gedachten. Als een ongetemde cycloon laat hij je alle hoeken van de kamer zien. Kortom, als je je in dit boek verdiept, heb je plezier zonder dat je je één millimeter moet verplaatsen. Is dat geen échte vakantie?

https://www.koppernik.nl/p/je-zit-op-een-stoel/

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 29/7/2026, https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/vijf-vrij-voortvloeiende-vakantieboeken

De slimste vlindergids

Jan Rodts



Zat Jan Rodts vooraan in de klas, vinger opgeheven nog voor de leraar iets vroeg? Of zat hij achteraan, lachend en lol trappend, overschouwend hoe de anderen zich uitsloofden en bergen energie verslonden om eenvoudige klusjes te klaren? Wellicht het laatste. Na zijn ‘slimste vogelgids’, aangevuld met een junioruitgave, bracht Vlaanderens meest strijdvaardige vogelaar vorig jaar de slimste vlindergids uit.

En waarom ook niet? Ze zijn zo bekoorlijk, ze prikkelen onze fantasie eindeloos. Ze verdienen ook wat serieuze aandacht, gegeven hoe zwaar ze het te verduren krijgen. Maar uitgerekend in volle zomer, liefst op vakantie, maken ze ons zo onbaatzuchtig opgewekt. Rodts vertrekt vanuit hetzelfde uitgangspunt als in zijn andere slimme gids, namelijk wat het ongetrainde oog ziet in een oogopslag: de kleur, en in mindere mate de vorm. De traditionele indeling die biologen hanteren (op basis van inhoud en niet op basis van het beeld) en het gehanteerde classificatiesysteem gaan in de prullenmand. Rodts ziet witte, gele, oranje, oranjerode, groene, blauwe, bruine en zwarte tinten. De witte vlinder met een oranje tipje aan de vleugels, is dat een witte of een oranje vlinder? Voor welke groep zou Rodts kiezen?

https://houtekiet.be/products/de-slimste-vlindergids

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 29/7/2026, https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/vijf-vrij-voortvloeiende-vakantieboeken

 

Door de ogen van een vogel, Hoe is het om een vogel te zijn?

 Achilles Cools


‘Het is al een kunst om te leren zien wat er te zien is’: een zin, en Achilles Cools heeft meteen veel verteld over zijn boek en zichzelf. Cools adoreert vogels, met namde de kauwen. ‘Kauwen zijn voor mij een muze, een combinatie van beheersing en bewondering voor een idool’. Het boek bevat een vijftigtal korte verhalen over vogels, incidenteel kabbelend, meestal spitsvondig. Je leest over de visarend die de meest uitmuntende visser onder de roofvogels is, over vrouwelijke roodmussen die bij mannetjes vooral symmetrie appreciëren, over zijn zakgeld dat hij gebruikte om roofvogels vrij te kopen bij vogelvangers, …

Deze verhalen weerspiegelen ervaringen uit zijn hele leven, en dat op vele plaatsen: van het Taman Negara-regenwoud in Maleisië, naar Birecek in Turks Koerdistan, het Spaanse Extremadura, Keoladeo National Park in India. ‘We kunnen veel leren als we naar buiten gaan en onze aandacht richten op wat daar leeft, en daar daadwerkelijk naar kijken,’ stelt hij. ‘Dichter bij het geluk kun je nooit komen.’ En kijken doet hij, niet alleen naar de mensheid, maar ook naar de fysieke omgeving: elk hoofdstuk bevat een schets van zijn hand, in zwart-wit. Hij is namelijk niet enkel auteur, maar ook kunstenaar, en daarbij een wier verhalen stevig wetenschappelijk en filosofisch onderbouwd zijn.

https://www.lannoo.com/nl-be/kennis-wetenschap-natuur/door-de-ogen-van-een-vogel-9789059962972

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 29/7/2026, https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/vijf-vrij-voortvloeiende-vakantieboeken

 

Arm Vlaanderen, een wereldgeschiedenis, honger, ziekte en globalisering in het midden van de 19de eeuw

Maarten van Ginderachter


‘De landbouw kannibaliseerde zichzelf in de Vlaanders’: een opmerkelijke zin in een opmerkelijk boek van Maarten van Ginderachter. Het weze helder, hij beschrijft het midden van de 19e eeuw. Hij graaft diep in ons maatschappelijk agrarisch systeem, legt nauwgezet uit wat Vlaanderen hierin kenmerkt (meer dan louter ‘labeur’) en waarom we zo honkvast zijn. Vooral zijn blik op de context is knap: het globale verhaal, de ‘maatschappelijke vervlechting’.

‘Zelfs in de armetierigste hofstee was de grote buitenwereld aanwezig: in de linnen handdoek over de wastobbe, de kaars op tafel, de lucifers op de schouw, het vaatje groene zeep onder het aanrecht, de blauwe kiel aan de kapstok en de soep in het bord. Elk van die dagelijksheden bevatte ingrediënten uit verre oorden.’

Die onderlinge afhankelijkheid komt knap naar voren bij zijn bespreking van guano, vogelmest uit Chili. De Britten teelden in India papavers, verkochten aan China om hun handelsbalans te verbeteren, de opium maakte vele arbeiders (‘koelies’) afhankelijk, die vervolgens als slaven verkocht en ingezet werden bij de ontginning van de guano in Chili, die zelf ten slotte op de West-Europese akkers terecht kwam.

In het nawoord vertelt van Ginderachter hoe hij met bronnen omging, hoe hij verwijst en citeert, waar hij knipt en plakt – en toch een publieksboek schreef, dat uitgebreid en stevig gestaafd, maar toch vlot leest. De liefde voor de taal ligt er daarbij dik op: de auteur geniet er van om in onbruik geraakte woorden en zegswijzen op te diepen. Wanneer las je laatst over een apert (onmiskenbaar) krukkige (chagrijnige) kutser (rondreizende koopman)? Een academicus die een toegankelijk verhaal brengt, knap.

https://www.horizon.be/boek/3392/maarten-van-ginderachter-arm-vlaanderen-een-wereldgeschiedenis.html

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 29/7/2026, https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/vijf-vrij-voortvloeiende-vakantieboeken

Vijf vrij voortvloeiende vakantieboeken

's Zomers mag de boog al minder gespannen staan, en dat geldt even goed voor deze rubriek. Onze huisrecensent Johan meandert van stoel naar vlinder, vervolgens van vlinders naar vogels, van vogelperspectief naar wereldgeschiedenis, en landt uiteindelijk in het natte Vlaanderen van de vroeger twintigste eeuw. Stroom je mee?

 Bob Vanden Broeck, Je zit op een stoel

We doen het allemaal, elke dag, bijna steeds van het ene specimen naar een ander: op een stoel zitten. Bob Vanden Broeck schreef er een boek over. Hij vertelt over wat er door het hoofd van de stoelzitter raast. Dat is een heuse wervelwind, een duizelingwekkende hoofdtempeest. Of het een ‘blijvenzitter’ is, of eerder een ‘zittenblijver’? Wel, als je een ‘er was eens’-verhaaltje verkiest, zit je hier in elk geval fout. Geniet je van taal en durf je vragen stellen, aarzel dan niet, het is een zuiver goudklompje.

‘Je wil niet zitten, je wil bewegen maar je moet tegelijk ook op de stoel blijven zitten en hoe kan je zowel blijven bewegen als zitten, zowel bewegen als blijven zitten, zowel blijven als bewegen en zitten?’ Het is een chaotische opstapeling van beelden die doorheen je hoofd flitsen, over een vlieg, stemverheffing, het vastnemen van een mok en nog duizenden andere gedachten. Als een ongetemde cycloon laat hij je alle hoeken van de kamer zien. Kortom, als je je in dit boek verdiept, heb je plezier zonder dat je je één millimeter moet verplaatsen. Is dat geen échte vakantie?

https://www.koppernik.nl/p/je-zit-op-een-stoel/

 

Jan Rodts, De slimste vlindergids

Zat Jan Rodts vooraan in de klas, vinger opgeheven nog voor de leraar iets vroeg? Of zat hij achteraan, lachend en lol trappend, overschouwend hoe de anderen zich uitsloofden en bergen energie verslonden om eenvoudige klusjes te klaren? Wellicht het laatste. Na zijn ‘slimste vogelgids’, aangevuld met een junioruitgave, bracht Vlaanderens meest strijdvaardige vogelaar vorig jaar de slimste vlindergids uit.

En waarom ook niet? Ze zijn zo bekoorlijk, ze prikkelen onze fantasie eindeloos. Ze verdienen ook wat serieuze aandacht, gegeven hoe zwaar ze het te verduren krijgen. Maar uitgerekend in volle zomer, liefst op vakantie, maken ze ons zo onbaatzuchtig opgewekt. Rodts vertrekt vanuit hetzelfde uitgangspunt als in zijn andere slimme gids, namelijk wat het ongetrainde oog ziet in een oogopslag: de kleur, en in mindere mate de vorm. De traditionele indeling die biologen hanteren (op basis van inhoud en niet op basis van het beeld) en het gehanteerde classificatiesysteem gaan in de prullenmand. Rodts ziet witte, gele, oranje, oranjerode, groene, blauwe, bruine en zwarte tinten. De witte vlinder met een oranje tipje aan de vleugels, is dat een witte of een oranje vlinder? Voor welke groep zou Rodts kiezen?

https://houtekiet.be/products/de-slimste-vlindergids

 

Achilles Cools, Door de ogen van een vogel, Hoe is het om een vogel te zijn?

‘Het is al een kunst om te leren zien wat er te zien is’: een zin, en Achilles Cools heeft meteen veel verteld over zijn boek en zichzelf. Cools adoreert vogels, met namde de kauwen. ‘Kauwen zijn voor mij een muze, een combinatie van beheersing en bewondering voor een idool’. Het boek bevat een vijftigtal korte verhalen over vogels, incidenteel kabbelend, meestal spitsvondig. Je leest over de visarend die de meest uitmuntende visser onder de roofvogels is, over vrouwelijke roodmussen die bij mannetjes vooral symmetrie appreciëren, over zijn zakgeld dat hij gebruikte om roofvogels vrij te kopen bij vogelvangers, …

Deze verhalen weerspiegelen ervaringen uit zijn hele leven, en dat op vele plaatsen: van het Taman Negara-regenwoud in Maleisië, naar Birecek in Turks Koerdistan, het Spaanse Extremadura, Keoladeo National Park in India. ‘We kunnen veel leren als we naar buiten gaan en onze aandacht richten op wat daar leeft, en daar daadwerkelijk naar kijken,’ stelt hij. ‘Dichter bij het geluk kun je nooit komen.’ En kijken doet hij, niet alleen naar de mensheid, maar ook naar de fysieke omgeving: elk hoofdstuk bevat een schets van zijn hand, in zwart-wit. Hij is namelijk niet enkel auteur, maar ook kunstenaar, en daarbij een wier verhalen stevig wetenschappelijk en filosofisch onderbouwd zijn.

https://www.lannoo.com/nl-be/kennis-wetenschap-natuur/door-de-ogen-van-een-vogel-9789059962972

 

Maarten van Ginderachter, Arm Vlaanderen, een wereldgeschiedenis, honger, ziekte en globalisering in het midden van de 19de eeuw

‘De landbouw kannibaliseerde zichzelf in de Vlaanders’: een opmerkelijke zin in een opmerkelijk boek van Maarten van Ginderachter. Het weze helder, hij beschrijft het midden van de 19e eeuw. Hij graaft diep in ons maatschappelijk agrarisch systeem, legt nauwgezet uit wat Vlaanderen hierin kenmerkt (meer dan louter ‘labeur’) en waarom we zo honkvast zijn. Vooral zijn blik op de context is knap: het globale verhaal, de ‘maatschappelijke vervlechting’.

‘Zelfs in de armetierigste hofstee was de grote buitenwereld aanwezig: in de linnen handdoek over de wastobbe, de kaars op tafel, de lucifers op de schouw, het vaatje groene zeep onder het aanrecht, de blauwe kiel aan de kapstok en de soep in het bord. Elk van die dagelijksheden bevatte ingrediënten uit verre oorden.’

Die onderlinge afhankelijkheid komt knap naar voren bij zijn bespreking van guano, vogelmest uit Chili. De Britten teelden in India papavers, verkochten aan China om hun handelsbalans te verbeteren, de opium maakte vele arbeiders (‘koelies’) afhankelijk, die vervolgens als slaven verkocht en ingezet werden bij de ontginning van de guano in Chili, die zelf ten slotte op de West-Europese akkers terecht kwam.

In het nawoord vertelt van Ginderachter hoe hij met bronnen omging, hoe hij verwijst en citeert, waar hij knipt en plakt – en toch een publieksboek schreef, dat uitgebreid en stevig gestaafd, maar toch vlot leest. De liefde voor de taal ligt er daarbij dik op: de auteur geniet er van om in onbruik geraakte woorden en zegswijzen op te diepen. Wanneer las je laatst over een apert (onmiskenbaar) krukkige (chagrijnige) kutser (rondreizende koopman)? Een academicus die een toegankelijk verhaal brengt, knap.

https://www.horizon.be/boek/3392/maarten-van-ginderachter-arm-vlaanderen-een-wereldgeschiedenis.html

 

Marie Gevers, De Dijkgravin

De Belgische Marie Gevers (1883-1975) publiceerde La Comtesse des digues voor het eerst in 1931. Sindsdien werd het verschillende keren heruitgegeven en vertaald. Het verhaal speelt zich af in en rond het Antwerpse Weert, wat we vandaag het Nationale Park Scheldevallei noemen, met de daarbij horende grienden, mandenvlechters, wielen, schorren, dijken, notelaars, alom, en uiteraard de suprematie van de getijdenrivier. De Schelde heerst, de bewoners schikken zich.

De dijkgraaf sterft en al snel borrelt de vraag op wie hem opvolgt. Niemand kent en leest de Schelde beter dan zijn dochter, maar een jonge ongetrouwde vrouw aan het hoofd van een organisatie die de belangen van talloze individuele – en vaak mannelijke – eigenaars behartigt, ligt niet echt voor de hand. De dochter voelt zich alleen op de wereld, is onzeker en zet schuchter en behoedzaam stappen, zowel privé als professioneel.

Zoals te verwachten kijkt een trits betweters over haar schouders. Mooi is niet enkel hoe ze haar weg zoekt, maar vooral hoe ze de individuele belangen koppelt aan het maatschappelijke belang. Nu eens wordt ze bekoord door een karekiet, dan weer door de wind die zacht over haar armen streelt. De verwevenheid van beide zoektochten en de boeiende beschrijvingen van de natuur maken het verschil. In het nawoord, ‘De verloofde van de Schelde’, geeft schrijver Annelies Verbeke verdere duiding.

https://uitgeverijweerwoord.be/de-dijkgravin/

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 29/7/2026, https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/vijf-vrij-voortvloeiende-vakantieboeken

De Dijkgravin

Marie Gevers


De Belgische Marie Gevers (1883-1975) publiceerde La Comtesse des digues voor het eerst in 1931. Sindsdien werd het verschillende keren heruitgegeven en vertaald. Het verhaal speelt zich af in en rond het Antwerpse Weert, wat we vandaag het Nationale Park Scheldevallei noemen, met de daarbij horende grienden, mandenvlechters, wielen, schorren, dijken, notelaars, alom, en uiteraard de suprematie van de getijdenrivier. De Schelde heerst, de bewoners schikken zich.

De dijkgraaf sterft en al snel borrelt de vraag op wie hem opvolgt. Niemand kent en leest de Schelde beter dan zijn dochter, maar een jonge ongetrouwde vrouw aan het hoofd van een organisatie die de belangen van talloze individuele – en vaak mannelijke – eigenaars behartigt, ligt niet echt voor de hand. De dochter voelt zich alleen op de wereld, is onzeker en zet schuchter en behoedzaam stappen, zowel privé als professioneel.

Zoals te verwachten kijkt een trits betweters over haar schouders. Mooi is niet enkel hoe ze haar weg zoekt, maar vooral hoe ze de individuele belangen koppelt aan het maatschappelijke belang. Nu eens wordt ze bekoord door een karekiet, dan weer door de wind die zacht over haar armen streelt. De verwevenheid van beide zoektochten en de boeiende beschrijvingen van de natuur maken het verschil. In het nawoord, ‘De verloofde van de Schelde’, geeft schrijver Annelies Verbeke verdere duiding.

https://uitgeverijweerwoord.be/de-dijkgravin/

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 29/7/2026, https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/vijf-vrij-voortvloeiende-vakantieboeken

donderdag 25 juni 2026

Denken zonder vleugels

 Bert Keizer



Het boek is een hervertelling van het Traktaat over de menselijke natuur van de schotse filosoof David Hume. Keizer koestert de rede. Hij focust op de oorzaak-gevolgrelatie. Hume stelde daarentegen graag scherp op de begrenzingen van het denken, wat hem niet altijd in dank werd afgenomen. Een boek naar ons hart, zeker met zinnen zoals “filosofen zijn niet zo bijzonder als ze graag denken”. Zalig, toch?

https://singeluitgeverijen.nl/athenaeum/boek/denken-zonder-vleugels/

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 15 juni 2026

https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/stapel-kleintjes

Omwegen

 Thomas Heerma van Voss




“In de loop van de middag belandden we weer dichter bij de Semois, die in deze paar kilometers oogde als een hartslag op een monitor – een lus die zichzelf aldoor herhaalde”. Met zijn notities in de hand beschrijft Thomas Heerma van Voss een wandelweek langs de Semois. Hij was op pad met een geroutineerde wandelfamilie, vader, moeder, zoon en twee dochters. Hij wist toen nog niet dat een daarvan zijn toekomstige ex-vriendin zou worden, net zoals het gegeven ‘wandelen’ hem onbekend was. Hij kijkt terug, mijmert, overpeinst en evalueert. Een ongebruikelijke setting, een aangenaam landschap, een nieuwe ervaring en een vreemde herinnering: voldoende ingrediënten voor een aangename leeservaring.

https://www.vanoorschot.nl/oorshop/omwegen/

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 15 juni 2026

https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/stapel-kleintjes

Wantij

 Jaap Robben



‘Wantij’ is de zeldzame plek waar bij vloed even geen stroming is en waar bij eb sommige eilanden zich opnieuw met het vasteland verbinden. Een unicum, temeer daar je het voorlopig enkel in Nederland terugvindt. Jaap Robben gaat wadlopen en beschrijft de ervaring van één wandeling. De oprukkende klimaatverandering baart hem, net als vele anderen, zorgen. Hij is een scherp observator, soms onderkoeld hilarisch, heeft een ongebreidelde fantasie, stapelt herinneringen en associaties op en inspireert door zijn woordcombinaties: “drooggevallen weidsheid, onze voetstappen in het natte slik smakken als een klas kleuters die gezamenlijk vla eten, het is vreemd dat je weidsheid beter kan zien als je haar inkadert, …”

https://www.vanoorschot.nl/oorshop/wantij/

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 15 juni 2026

https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/stapel-kleintjes

 

Lentehonger

Sander Kollaard



Wonend in Zweden vertelt Kollaard graag aan zijn Nederlandse vrienden over de zaligheid van een authentieke Zweedse lente. Maar het boek over die mooie lente bleef in zijn la liggen. Hij verzamelde notities van de afgelopen jaren, koos een vast wandeltraject en beschrijft de natuur en de informatie van de vele natuurapps. De sterkte van het boek? Lente is veel meer dan enkel het wijzigende natuurbeeld: de posities van de hemellichamen, de familieperikelen, het dramatisch verlies van een naaste, literatuur, en uiteraard ook de relatie tot de andere seizoenen. Hoe de lente, afhankelijk van de context, iets helemaal anders kan betekenen.

https://www.vanoorschot.nl/oorshop/lentehonger/

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 15 juni 2026

https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/stapel-kleintjes

Terug naar De Nul

Frank Westerman



Frank Westerman verloor een dierbare in de familie, stelde zijn identiteit in vraag, en liet zich daarbij inspireren door Drenthe, de omgeving waar hij in opgroeide. Die omgeving blijkt ook veranderd, omwille van verschillende redenen. Als gedreven ratio-mens stelt hij indringende vragen over het nieuwe landschapsbeleid (het oude productielandbouwlandschap moet plaats maken voor natuur) en is hij kritisch voor de actuele spirituele benadering van de hunebedden (graftombes gebouwd met zwerfkeien) die veelvuldig voorkomen in zijn puberlandschap (Drenthe). Geniet van zijn kritische geest!

https://www.vanoorschot.nl/oorshop/terug-naar-de-nul/

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 15 juni 2026

https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/stapel-kleintjes

Ochtenden

Donald Niedekker


Niedekker is een prijsbeest, en meer dan terecht. Hij is een woordkunstenaar. Hij kiest zijn woorden met de trefzekerheid van een olympisch kampioen darts. Ken je dat gevoel wanneer je opstaat, buiten kijkt en dan denkt “het heeft geregend”? Wellicht juist, maar zo ontoereikend, gewoon omdat je de ‘woordkunde en -kunst’ niet beheerst. Wel nu, Niedekker doet je het genoegen je gevoel in jouw plaats te beschrijven. Je ervaart al lezend de natuur zoals je zelf amper beseft dat hij bestaat. Details en nuance maken het verschil. “In deze heiige morgen liggen de ochtendblauwe aquarelwolken als wiegeliedjes op de horizon.” Of nog “Mist. Mist en stilte. Langzaam krijgt de hemel kleur, krijgt het stille wit een tekening in wit, een rimpeling waarin in de plooien het wit oplost en een zuiver lichtblauw verschijnt, …” Een boek om altijd bij je te hebben.

https://www.koppernik.nl/p/ochtenden-donald-niedekker/

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 15 juni 2026

https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/stapel-kleintjes

Ik zie wat ik geloof

Roxane Van Iperen




Een ontnuchterend verhaal over de kracht van big tech, over de markt die de ziel bezet, over de markt die een levenshouding werd, over de uitholling van onze cognitieve vermogens, de afbrokkeling van de cognitieve infrastructuur, … “een samenleving bevolkt door kleuters, overgeleverd aan primaire, emotionele reacties, niet langer gecureerd door enige ratio of reflectie”.  Het einde van de Verlichting? Diverse filosofen inspireren haar, onder meer Hannah Arendt, om een andere kijk te ontwikkelen. Behoorlijk confronterend boekje.

https://uitgeverijpluim.nl/ik-zie-wat-ik-geloof

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 15 juni 2026

https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/stapel-kleintjes

 

Optimisme zonder hoop

 Tommy Wieringa



Wieringa heeft intussen een trits boeken geschreven. Zijn inzet voor Oekraïne en de Oekraïners: onbegrensd. De klimaatverandering laat hem evenmin los. Hoe doe je dat? Een perspectief aanreiken, wetend wat op ons afkomt. Je niet laten leiden door teleurstellingen. De hoop mag je nooit verliezen, in welke omstandigheid je je ook bevindt. Wat hij zijn dochters aanbeveelt? Plant bomen.

https://uitgeverijpluim.nl/optimisme-zonder-hoop-hoe-gelukkig-te-zijn-in-een-ongelukkige-wereld

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 15 juni 2026

https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/stapel-kleintjes

De man die bomen plantte

 Jean Giono



Een bijzonder kort boekje (26 pagina’s), eigenlijk samen te vatten in één zin: “een man plant bomen”. Alleen, eigen keuze, onverstoorbaar consequent, elke dag, en dat jaren na elkaar, in een vreselijk onherbergzame streek, ten oosten van de befaamde Mont Ventoux. David van Reybroeck zorgde voor de vertaling en voegt een verhaal toe, ongeveer even lang. Hij situeert het boek, “een evergreen in het duurzaamheidsdenken”, beschrijft het als een ‘humanistische en ecologische parabel’ en situeert het in de literatuur.

https://www.debezigebij.nl/boek/de-man-die-bomen-plantte/

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 15 juni 2026

https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/stapel-kleintjes

 

Stapel kleintjes

Niet alle auteurs hebben evenveel ruimte nodig. Sommigen zijn, nu en dan, tevreden met iets kleins; een korte, krachtige, gebalde boodschap – altijd comfortabel voor de lezer. Merkwaardig: steeds is er wel iemand, regelmatig de uitgever, die kleine boekjes samenstapelt tot een bundel; vandaag doet BBL dat. Uitgeverij Pluim bundelt boekjes naar aanleiding van de maand van de filosofie, uitgeverij Van Oorschot brengt de reeks ‘Terloops’ op de markt, Koppernik kondigt een reeks van Niedekker aan. Als toetje voegt onze recensent er een boekje van De Bezige Bij en van uitgeverij Atheneaum aan toe. Volledig in thema zijn ook de besprekingen kort.

 

Bert Keizer, Denken zonder vleugels

Het boek is een hervertelling van het Traktaat over de menselijke natuur van de schotse filosoof David Hume. Keizer koestert de rede. Hij focust op de oorzaak-gevolgrelatie. Hume stelde daarentegen graag scherp op de begrenzingen van het denken, wat hem niet altijd in dank werd afgenomen. Een boek naar ons hart, zeker met zinnen zoals “filosofen zijn niet zo bijzonder als ze graag denken”. Zalig, toch?

https://singeluitgeverijen.nl/athenaeum/boek/denken-zonder-vleugels/

 

Thomas Heerma van Voss, Omwegen

“In de loop van de middag belandden we weer dichter bij de Semois, die in deze paar kilometers oogde als een hartslag op een monitor – een lus die zichzelf aldoor herhaalde”. Met zijn notities in de hand beschrijft Thomas Heerma van Voss een wandelweek langs de Semois. Hij was op pad met een geroutineerde wandelfamilie, vader, moeder, zoon en twee dochters. Hij wist toen nog niet dat een daarvan zijn toekomstige ex-vriendin zou worden, net zoals het gegeven ‘wandelen’ hem onbekend was. Hij kijkt terug, mijmert, overpeinst en evalueert. Een ongebruikelijke setting, een aangenaam landschap, een nieuwe ervaring en een vreemde herinnering: voldoende ingrediënten voor een aangename leeservaring.

https://www.vanoorschot.nl/oorshop/omwegen/

 

Jaap Robben, Wantij

‘Wantij’ is de zeldzame plek waar bij vloed even geen stroming is en waar bij eb sommige eilanden zich opnieuw met het vasteland verbinden. Een unicum, temeer daar je het voorlopig enkel in Nederland terugvindt. Jaap Robben gaat wadlopen en beschrijft de ervaring van één wandeling. De oprukkende klimaatverandering baart hem, net als vele anderen, zorgen. Hij is een scherp observator, soms onderkoeld hilarisch, heeft een ongebreidelde fantasie, stapelt herinneringen en associaties op en inspireert door zijn woordcombinaties: “drooggevallen weidsheid, onze voetstappen in het natte slik smakken als een klas kleuters die gezamenlijk vla eten, het is vreemd dat je weidsheid beter kan zien als je haar inkadert, …”

https://www.vanoorschot.nl/oorshop/wantij/

 

Sander Kollaard, Lentehonger

Wonend in Zweden vertelt Kollaard graag aan zijn Nederlandse vrienden over de zaligheid van een authentieke Zweedse lente. Maar het boek over die mooie lente bleef in zijn la liggen. Hij verzamelde notities van de afgelopen jaren, koos een vast wandeltraject en beschrijft de natuur en de informatie van de vele natuurapps. De sterkte van het boek? Lente is veel meer dan enkel het wijzigende natuurbeeld: de posities van de hemellichamen, de familieperikelen, het dramatisch verlies van een naaste, literatuur, en uiteraard ook de relatie tot de andere seizoenen. Hoe de lente, afhankelijk van de context, iets helemaal anders kan betekenen.

https://www.vanoorschot.nl/oorshop/lentehonger/

 

Frank Westerman, Terug naar De Nul

Frank Westerman verloor een dierbare in de familie, stelde zijn identiteit in vraag, en liet zich daarbij inspireren door Drenthe, de omgeving waar hij in opgroeide. Die omgeving blijkt ook veranderd, omwille van verschillende redenen. Als gedreven ratio-mens stelt hij indringende vragen over het nieuwe landschapsbeleid (het oude productielandbouwlandschap moet plaats maken voor natuur) en is hij kritisch voor de actuele spirituele benadering van de hunebedden (graftombes gebouwd met zwerfkeien) die veelvuldig voorkomen in zijn puberlandschap (Drenthe). Geniet van zijn kritische geest!

https://www.vanoorschot.nl/oorshop/terug-naar-de-nul/

 

Donald Niedekker, Ochtenden

Niedekker is een prijsbeest, en meer dan terecht. Hij is een woordkunstenaar. Hij kiest zijn woorden met de trefzekerheid van een olympisch kampioen darts. Ken je dat gevoel wanneer je opstaat, buiten kijkt en dan denkt “het heeft geregend”? Wellicht juist, maar zo ontoereikend, gewoon omdat je de ‘woordkunde en -kunst’ niet beheerst. Wel nu, Niedekker doet je het genoegen je gevoel in jouw plaats te beschrijven. Je ervaart al lezend de natuur zoals je zelf amper beseft dat hij bestaat. Details en nuance maken het verschil. “In deze heiige morgen liggen de ochtendblauwe aquarelwolken als wiegeliedjes op de horizon.” Of nog “Mist. Mist en stilte. Langzaam krijgt de hemel kleur, krijgt het stille wit een tekening in wit, een rimpeling waarin in de plooien het wit oplost en een zuiver lichtblauw verschijnt, …” Een boek om altijd bij je te hebben.

https://www.koppernik.nl/p/ochtenden-donald-niedekker/

 

Roxane Van Iperen, Ik zie wat ik geloof

Een ontnuchterend verhaal over de kracht van big tech, over de markt die de ziel bezet, over de markt die een levenshouding werd, over de uitholling van onze cognitieve vermogens, de afbrokkeling van de cognitieve infrastructuur, … “een samenleving bevolkt door kleuters, overgeleverd aan primaire, emotionele reacties, niet langer gecureerd door enige ratio of reflectie”.  Het einde van de Verlichting? Diverse filosofen inspireren haar, onder meer Hannah Arendt, om een andere kijk te ontwikkelen. Behoorlijk confronterend boekje.

https://uitgeverijpluim.nl/ik-zie-wat-ik-geloof

 

Tommy Wieringa, Optimisme zonder hoop

Wieringa heeft intussen een trits boeken geschreven. Zijn inzet voor Oekraïne en de Oekraïners: onbegrensd. De klimaatverandering laat hem evenmin los. Hoe doe je dat? Een perspectief aanreiken, wetend wat op ons afkomt. Je niet laten leiden door teleurstellingen. De hoop mag je nooit verliezen, in welke omstandigheid je je ook bevindt. Wat hij zijn dochters aanbeveelt? Plant bomen.

https://uitgeverijpluim.nl/optimisme-zonder-hoop-hoe-gelukkig-te-zijn-in-een-ongelukkige-wereld

 

Jean Giono, De man die bomen plantte

Een bijzonder kort boekje (26 pagina’s), eigenlijk samen te vatten in één zin: “een man plant bomen”. Alleen, eigen keuze, onverstoorbaar consequent, elke dag, en dat jaren na elkaar, in een vreselijk onherbergzame streek, ten oosten van de befaamde Mont Ventoux. David van Reybroeck zorgde voor de vertaling en voegt een verhaal toe, ongeveer even lang. Hij situeert het boek, “een evergreen in het duurzaamheidsdenken”, beschrijft het als een ‘humanistische en ecologische parabel’ en situeert het in de literatuur.

https://www.debezigebij.nl/boek/de-man-die-bomen-plantte/

Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 15 juni 2026

https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/stapel-kleintjes

 

dinsdag 12 mei 2026

Je bord ontrafeld: Feiten, fabels en emoties over voedsel en landbouw

Tessa Avermaete, Wannes Keulemans en Barbara De Coninck  




Een boek dat opent met de vraag waarom de meningen over voedsel zo sterk uiteenlopen, zonder meer een sterke opener. Het aanbod? Een verhaal over feiten, fabels en emoties over voedsel en landbouw, geschreven door wetenschappers verbonden aan de KUL. Ze gebruiken twee begrippen samen, nl. “ontrafelen” en “visietekst” een combinatie die steevast tot alertheid leidt. Ontrafelen kan je namelijk op vele verschillende manieren, kijk maar hoe verschillend mensen stoofvlees, soms ‘draadjesvlees’ genoemd, “ontrafelen”, de ene sorteert nauwgezet alles per spiervezel, de ander rijt alles aan flarden.  Verder valt op dat er een heel beknopte literatuurlijst in staat, nl. 5 boeken en 5 websites. Het boek bevat 4 grafieken en geen tabellen. Er staan vooral korte zinnen in, regelmatig sloganeske zinnen in zoals bv.  “een koe is een koe”, uiteraard een waarheid als een koe. Om de tekst concreter te maken, wordt regelmatig de concrete ervaring van een tiental geselecteerde personen toegevoegd. Resultaat: een makkelijk leesbaar, toegankelijk boek over een complex onderwerp. Kortom, je leest het boek en weet alles? Klopt het dat als dé wetenschappers het hebben uitgezocht het verhaal altijd juist is, én, nog belangrijker, dat dit de enige waarheid is? Is wetenschap niet juist dialectisch?

Theoretisch zou wetenschap waardenvrij moeten zijn, wetenschappers zijn dit niet. Het verhaal over voedselstromen, organisatie, afhankelijkheid, mondiale beslissingen, financiële prikkels, ruimtebeslag, voedselverspilling, Europees beleid, … klinkt heel helder en aannemelijk, maar de onderbouwing ontbreekt. Leesbaarheid boven wetenschap, een keuze. Maar, uitgerekend het verschil tussen feiten, fabel en emoties is niet glashelder. De auteurs zijn op basis van diverse argumenten pro pesticiden (inclusief glyfosaat), kunstmest en ggo en tegen biolandbouw, maar belichten de andere stemmen weinig of niet. Het Europese landbouwbeleid vanaf jaren zeventig van de vorige eeuw wordt uitgelegd; de stappen worden opgehangen aan de bevoegde Eurocommissarisen. Sicco Mansholt, Ray MacSharry en Frans Timmermans. En dan volgt een merkwaardig zinnetje: “al snel rees de vraag waarde cijfers (voor de onderbouwing van de beleidskeuzen, nvdr) vandaan kwamen. Terechte vraag, maar, jammer dat die vraag enkel werd gesteld bij Timmermans. En wat te denken van de zin: ‘‘Ook Europese boeren zijn slachtoffer van het oneerlijke speelveld.’  Het woord ‘oneerlijk’ is een waardegeladen woord, of nog, een mening. Toeval dat uitgerekend diezelfde zin in het recente Mercosurdebat werd gebruikt door boeren, hun organisatie BB en één welbepaalde politieke partij. Een wetenschapper praat beter over het gelijke of ongelijke speelveld, niet over eerlijkheid. Of wat te denken van deze zin: ‘Afhankelijkheid van voedsel van de rest van de wereld doet ons huiveren. Die buitenwereld zit immers vol onbetrouwbare spelers, die het niet altijd goed voorhebben met de Europeaan.’ Wie stond enkele maanden geleden een poos in het nieuws omdat er vrolijk giftig afval werd vermengd met mest en dan over de akkers verspreid? Kempense boeren.

Zonder twijfel slaagt het boek in het opzet, het gesprek over voedsel stofferen. Maar, het zou de wetenschappers sieren om een scherper onderscheid te maken tussen feiten en meningen. Het weze helder, ook in het boek wordt gepleit voor een afbouw van de veestapel, vooral van rundvee, een koe is nu éénmaal een koe. Door de combinatie van korte krachtige zinnen, en het ontbreken van bronnen en het subtiel inschuiven van maatschappelijke keuzen, voelt het boek soms sluipend dogmatisch aan. 

https://www.lannoo.be/nl/je-bord-ontrafeld

Een geredacteerde versie van de tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 11 mei 2026 https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/een-zevengangenmenu

Het pesticidenparadijs: over de impact van bestrijdingsmiddelen, verstrengelde belangen en misbruikte wetenschap

Dirk de Bekker



Dirk de Bekker is podcastmaker, schrijft voor De Groene Amsterdammer, presenteerde verschillende wetenschapsprogramma‘s, maar is eerst en vooral een onvermoeibaar onderzoeksjournalist. Zijn boek, het resultaat van 7 jaar onderzoek, focust op Europa, met enkele uitstappen naar de mondiale en nationale niveaus. In dit geval is dat Nederland. Hij staaft, uiteraard, zijn verhaal met een stapel bronnen. Is het een verhaal over pesticiden, gewasbeschermingsmiddelen, landbouwgif, verdelgingsstoffen of bestrijdingsmiddelen? Taal vertelt veel.

Zijn verhaal opent met Rachel Carson en de pesticide DDT, en duidt al snel mechanismen zoals polarisatie en desinformatie. Hij schrijft dat hij houdt van Kafka, maar de voorbeelden zijn, tientallen jaren later, ronduit hallucinant: “… met DDT geïmpregneerd behang voor babykamers, … sproeikanonnen (met DDT, nvdr.) verschijnen bij zwembaden om spelende kinderen te bestuiven, …”, en dit nog voor je pagina 30 bereikt. Carsons verhaal gebruikt hij om aan te tonen hoe de beleidsbeïnvloeding werkte en nog steeds werkt. Hij schrijft over deltamethrin, mancozeb, imidalcloprid en nog vele andere, en blijft vooral stilstaan bij glyfosaat, bentazon, neonicotinoïden en de hutsepot aan huis-tuin-en-keukenmiddelen zoals mierenlokdoosjes en tekendoders voor kat en hond. Ook bij de ziekte Parkinson blijft hij stilstaan.

Om de beïnvloeding van de industrie in de besluitvorming te duiden, gaat de Bekker in de diepte in de totstandkoming van de rekenmodellen en de toelatingsprocedures. Je leest een verhaal over wie is wie (en draagt wanneer welke pet), over de noodzaak tot consensus (met inbegrip van de producenten), over de tijdscontext en belangenvermenging en hij toont aan dat de formele waarborging van de onafhankelijkheid heel lastig tot onbestaand is. Toelatingen worden telkens opnieuw verstrekt op basis van simulatie (rekenmodellen) en niet op basis van feiten (onderzoeksresultaten), ze worden zonder onderzoek verlengd en recente wetenschappelijke bevindingen worden genegeerd, net als cumulaties, contaminaties en effecten op lange termijn. Het resultaat: schijnveiligheid. De overheid is niet in staat om de bevolking te beschermen, en dat vindt hij een gevaar voor de democratie. Zijn analyse is helder en zeer gedetailleerd en met cijfers onderbouwd, zijn beschrijving breedvoerig. Voeling met positieve wetenschappen en besluitvormingsmechanismen zijn een voordeel voor de lezer. Als onbesuisde en authentieke onderzoeksjournalist verwacht hij ook ‘enige volharding’ van zijn lezer.

https://singeluitgeverijen.nl/de-arbeiderspers/boek/het-pesticidenparadijs/

De tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 11 mei 2026 https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/een-zevengangenmenu

De klootzakkenboom, waarom ik een voedselbos begon en wat er daarna allemaal misging

 Thijs Goverde



“Een bever is een cirkelzaag op pootjes”: een zin die de onbegrensde creativiteit van Thijs Goverde illustreert. Als comedian is het niet verwonderlijk dat z’n verhaal zowel helder als toegankelijk én goed gebracht is, en dat op hoofdlijn in spreektaal. Humor en een kwinkslag zijn nooit ver weg. Steeds meer lees je de boodschap: ‘combineer teelten’, waardoor je al snel bij voedselbossen terechtkomt. Hij startte met zijn eigen voortuin, huurde een volkstuintje en kocht daarna een terrein van 2 ha landbouwgrond en legde een voedselbos aan. Goverde verhaalt uit de praktijk en vertelt ook wat misloopt, en soms is dat heel veel. De eerste zes jaar groeiden zijn pecannotenbomen precies nul centimeter. Hij analyseert tegelijkertijd feilloos hoe je als burger in tal van processen tegen bedrog aanloopt en doorgrondt zo “de stupiditeit van het landbouwbeleid”.

Het boek is opgevat als een aaneenschakeling van korte columns, waarin hij ofwel zijn ervaringen deelt ofwel het beleid hekelt. Het eerste is meestal hilarisch, vooral als hij de reacties van derden beschrijft, het tweede is messcherp in zijn analyse. Het stikstofbeleid omschrijft hij als de aanpak van cholera met een paracetamolletje, ‘”niets doen” is ook een activiteit die je makkelijk kunt opschalen, ‘ook bosboeren zijn gevoelig voor mode en misverstand’, … Tot slot, waarom die opvallende titel, “de klootzakkenboom”? Uiteraard moet je een professioneel comedian niet leren dat je product makkelijker verkoopt als je in beeld loopt. De Staphylea pinnata is een veelvuldig gebruikte boom in voedselbossen. Hij heeft eetbare nootjes, althans als je niet op een inspanning kijkt. Omwille van de vorm van de vruchten, wordt hij ook “de klootzakkenboom” genoemd. “Wij voedselbossers hebben de klootzakkenboom, de veeteelt mag zich gesteund voelen door de klootzakken in onze regering”’ Comedians zijn meestal opvallend helder. 

https://www.uitgeverijblauwgras.nl/boeken/de-klootzakkenboom

De tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 11 mei 2026 https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/een-zevengangenmenu

Het kruidenkompas: 12 maanden vol kruiden, recepten en remedies voor mens, dier en huis

 Martine Van Huffel & Ruth Beretta





“Verorberen” is een woord dat we regelmatig met voedsel associëren, maar dan vooral in de zin van ‘nuttigen, ‘noodzaak’ en ‘inspanning’. Wat hier ontbreekt, is ‘genot’, enthousiasme, ‘appreciatie’. Kruiden helpen om uitgerekend die stap te zetten én voegen nog voordelen toe op het vlak van verteerbaarheid en gezondheid. “Zonder kruiden kunnen we niet goed leven”, schrijven Van Huffel en Beretta zonder meer. Ze maakten een ronduit mooi boek over kruiden dat alles bevat (kruidenplanning, kruidenkast, …).

Foto’s en tekst zijn in balans, het bevat behoorlijk wat informatie, meestal puntsgewijs en netjes per maand geordend, er is een index en er zijn tal van verwijzingen, het is vlot geschreven en het bevat tal van mooie, paginagrote foto’s. Maart geurt naar anijs, juli naar honing en hooi en november naar peper en koek, knolselderijsoep met daslook, een kruidenspiraal, frisse erwtensoep met munt, stokrozengelei, gezichtsstoombad met kamille, tijmsiroop, massageolie met sleedoornbloesem, … Een ideaal cadeauboek.

https://www.lannoo.be/nl/het-kruidenkompas

De tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 11 mei 2026 https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/een-zevengangenmenu

Ons Foodsaver Boek, de essentiële gids voor het bewaren, bereiden en verwerken van voeding

 Alex Elliot-Howery, Jaimee Edwards




Een naslagwerk met een nobele boodschap. Wereldwijd wordt nog steeds zo’n 30% van alle voedsel verspild. Initiatieven als Waste Warriors, voedselbanken en Too Good to Go proberen elk op hun manier hieraan tegemoet te komen. Enkele jaren geleden brachten Ferm (“een inspirerend netwerk voor alle vrouwen en hun gezinnen”) en Lannoo een boek uit met de veelbelovende titel Ons Foodsaverboek. Het boek werd gemaakt door Australische koks, werd vertaald en de titel werd deels herbruikt, altijd makkelijk. Het telt meer dan 500 pagina’s en is een wat ongebruikelijk kookboek: je vindt geen foto’s van de gerechten. De associatie met Ons kookboek, het standaardwerk van de Boerinnenbond, en de Zilveren lepel voor de Italianofielen onder ons, is dan ook snel gemaakt. De focus ligt op wat je kan klaarmaken met voedselresten, niet op het inmaken en of lange tijd bewaren van voedsel (pekelen, drogen, zouten, invriezen, persen, gisten, …). Mooi en systematisch opgebouwd, met tal van kruisverbanden en een stevige index. Jammer dat er geen ingrediëntenlijst per gerecht werd opgenomen, je bent steeds genoodzaakt eerst het volledige recept te lezen als je verrassingen wil voorkomen. De Australische roots werden gelukkig niet gewist, je leest dus ook over kumquat, dhal en tarka.

https://www.lannoo.be/nl/ons-foodsaver-boek

De tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 11 mei 2026 https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/een-zevengangenmenu

De wildste dranken

 Tom Peltyn



Ook dit boek heeft alles van een ‘mooi cadeauboek’: het oogt als een kookboek, er staan behoorlijk wat aangename, mooie, grote foto ’s in, het heeft een aantrekkelijke lay-out en het speelt in op de actualiteit. Omdat alle voedsel gezond, natuurlijk, lekker en veilig moet zijn, wordt intens gezocht naar dranken zonder alcohol. Niet eenvoudig omdat bij vele dranken alcohol de drager is van de complexiteit aan smaken. Of nog, zonder alcohol is de drank niet lekker. Tom Peltyn staaft, samen met een tiental anderen, het tegendeel; juist dat is de sterkte van het boek, de veelzijdigheid, wat Peltyn omschrijft als ‘opgestapelde kennis’. Uiteraard is het allemaal niet nieuw, maar vele technieken belandden in de vergeethoek. Alle dranken zijn ‘natuurlijk’, meestal dorstlessend, soms medicinaal, soms roesopwekkend, of een combinatie van dit alles. Wat bieden ze? Een onvoorstelbaar breed pallet: ‘koffie’ van paardenbloemwortel en kleefkruidzaad, sleedoornsap, kruidige sinaasappelsapsiroop, kombucha met druivensap en vijgen, waterkefir, kersenmede, gagelbier, citroenzeste, kurkuma beer, vlierbessenwijn en -azijn, rozenshrub en nog heel veel meer. Als je Peltyn doorgrondt, voel je onmiddellijk dat je best nabij een voedselbos leeft.

https://www.vonkuitgevers.nl/de-wildste-dranken/

Plant een zaadje: samen moestuinieren en natuur beleven

 Lidion Zierikzee



‘Leer verbinden met ons eigen eten en de natuur om ons heen’ is het leidmotief van het boek. Begin bij het begin, met kinderen. Prikkel de aandacht voor natuur, laat zien hoe planten ontkiemen, opgroeien en wat later, recht uit de tuin, in je bord belanden en leer ervaren hoe lekker dat dat is. Maak er een mooi boek over, met kinderen en gewone mensen in de hoofdrol, met mooie foto’s, behoorlijk veel informatie, tekeningen die ook kinderen aanspreken en een aangename lay-out. Het boek bevat twee delen, een algemeen stuk en een uitgebreider deel over je leven in je moestuin, netjes geordend per maand. Je leest over wisselteelt, combinatieteelt, polycultuur, square foot gardening en permacultuur, karton leggen en nat maken, zaaien, stekken, composteren, mulchen, bouw insectenhotel, bak bloemenkoekjes en maak paardenbloemgelei, stek je tomatendieven, maak knoflookvlechten, … kortom, allemaal dingen die je leest in degelijke tuinboeken. De kracht van het boek? Maak een plan en begin eraan, het is echt niet zo moeilijk, en vooral, geniet ervan en doe het samen met je kroost.

https://knnvuitgeverij.nl/artikel/plant-een-zaadje.html

De tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 11 mei 2026 https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/een-zevengangenmenu

Een zevengangenmenu

Boterbergen, melkplassen, wijnzeeën, pesticiden, biociden, kruiden, alcohol, voedselbossen, jonge en oude tuinmannen … Aan tafel kan je eten, maar je kan er even goed over lezen. Gezond, betaalbaar en duurzaam voedsel krijgt in de hier besproken boeken aandacht. Was onze recensent breedvoerig of gulzig?

 

Tessa Avermaete, Wannes Keulemans en Barbara De Coninck, Je bord ontrafeld: Feiten, fabels en emoties over voedsel en landbouw 

Over smaken ga je niet ruziën, maar waarom hebben we net zoveel goesting om dat wel te doen? In dit verhaal over landbouw en voeding zoeken drie wetenschappers uit hoe feiten, fabels en gevoelens in onze dagelijkse kost vermengd raken. Dat doen ze met een erg beknopte literatuurlijst: aan vijf boeken, vijf websites en vier grafieken hebben ze genoeg. Ook de zinnen zijn kort, en regelmatig sloganesk, zoals “een koe is een koe”. Resultaat: een toegankelijk boek over een complex onderwerp.

Misschien té toegankelijk. Hun verhaal over voedselstromen, organisatie, afhankelijkheid, mondiale beslissingen, financiële prikkels, ruimtebeslag, voedselverspilling, Europees beleid en ga zo maar door, leest heel helder en aannemelijk. Het is echter niet duidelijk waar de waarden van de wetenschappers het verhaal zelf kleuren, en feiten, fabels en emoties in elkaar overlopen. De auteurs nemen nochtans stelling in voor pesticiden, kunstmest en genetisch gemanipuleerde organismen, en tegen de biolandbouw. Ze leggen het Europese landbouwbeleid vanaf de jaren zeventig van de vorige eeuw uit; de bevoegde Eurocommissarissen Sicco Mansholt, Ray MacSharry en Frans Timmermans krijgen elk hun gram. “Al snel rees de vraag waar [hun] cijfers vandaan kwamen,” luidt de kanttekening. Helemaal terecht, die vraag. Maar waarom wordt die dieptekritiek alleen toegespitst op de ecoloog Timmermans, en niet op de beleidsmakers die geen graten zien in de industriële landbouw?

En wat te denken van de zin: ‘‘Ook Europese boeren zijn slachtoffer van het oneerlijke speelveld.”? Een ‘gelijk’ of ‘ongelijk’ speelveld, dat is een vaststelling; ‘eerlijk’ en ‘oneerlijk’ zijn waardeoordelen, of nog, meningen. Uitgerekend diezelfde zin werd in het recente Mercosurdebat gebruikt door landbouwers, de Boerenbond en een welbepaalde politieke partij.

Zonder twijfel slaagt het boek in z’n opzet, namelijk het gesprek over voedsel stofferen. Het weze eveneens helder dat het boek pleit voor een afbouw van de veestapel, vooral van rundvee: een koe is nu eenmaal een koe. Het zou de wetenschappers echter sieren om een scherper onderscheid te maken tussen feiten en de eigen meningen. Door de combinatie van korte krachtige zinnen, en het ontbreken van bronnen en het subtiel inschuiven van maatschappelijke keuzen, voelt het boek soms sluipend dogmatisch aan.

https://www.lannoo.be/nl/je-bord-ontrafeld

 

Dirk de Bekker, Het pesticidenparadijs: over de impact van bestrijdingsmiddelen, verstrengelde belangen en misbruikte wetenschap 

Dirk de Bekker is podcastmaker, schrijft voor De Groene Amsterdammer, presenteerde verschillende wetenschapsprogramma‘s, maar is eerst en vooral een onvermoeibaar onderzoeksjournalist. Zijn boek, het resultaat van 7 jaar onderzoek, focust op Europa, met enkele uitstappen naar de mondiale en nationale niveaus. In dit geval is dat Nederland. Hij staaft, uiteraard, zijn verhaal met een stapel bronnen. Is het een verhaal over pesticiden, gewasbeschermingsmiddelen, landbouwgif, verdelgingsstoffen of bestrijdingsmiddelen? Taal vertelt veel.

Zijn verhaal opent met Rachel Carson en de pesticide DDT, en duidt al snel mechanismen zoals polarisatie en desinformatie. Hij schrijft dat hij houdt van Kafka, maar de voorbeelden zijn, tientallen jaren later, ronduit hallucinant: “… met DDT geïmpregneerd behang voor babykamers, … sproeikanonnen (met DDT, nvdr.) verschijnen bij zwembaden om spelende kinderen te bestuiven, …”, en dit nog voor je pagina 30 bereikt. Carsons verhaal gebruikt hij om aan te tonen hoe de beleidsbeïnvloeding werkte en nog steeds werkt. Hij schrijft over deltamethrin, mancozeb, imidalcloprid en nog vele andere, en blijft vooral stilstaan bij glyfosaat, bentazon, neonicotinoïden en de hutsepot aan huis-tuin-en-keukenmiddelen zoals mierenlokdoosjes en tekendoders voor kat en hond. Ook bij de ziekte Parkinson blijft hij stilstaan.

Om de beïnvloeding van de industrie in de besluitvorming te duiden, gaat de Bekker in de diepte in de totstandkoming van de rekenmodellen en de toelatingsprocedures. Je leest een verhaal over wie is wie (en draagt wanneer welke pet), over de noodzaak tot consensus (met inbegrip van de producenten), over de tijdscontext en belangenvermenging en hij toont aan dat de formele waarborging van de onafhankelijkheid heel lastig tot onbestaand is. Toelatingen worden telkens opnieuw verstrekt op basis van simulatie (rekenmodellen) en niet op basis van feiten (onderzoeksresultaten), ze worden zonder onderzoek verlengd en recente wetenschappelijke bevindingen worden genegeerd, net als cumulaties, contaminaties en effecten op lange termijn. Het resultaat: schijnveiligheid. De overheid is niet in staat om de bevolking te beschermen, en dat vindt hij een gevaar voor de democratie. Zijn analyse is helder en zeer gedetailleerd en met cijfers onderbouwd, zijn beschrijving breedvoerig. Voeling met positieve wetenschappen en besluitvormingsmechanismen zijn een voordeel voor de lezer. Als onbesuisde en authentieke onderzoeksjournalist verwacht hij ook ‘enige volharding’ van zijn lezer.

https://singeluitgeverijen.nl/de-arbeiderspers/boek/het-pesticidenparadijs/

 

Thijs Goverde, De klootzakkenboom, waarom ik een voedselbos begon en wat er daarna allemaal misging 

“Een bever is een cirkelzaag op pootjes”: een zin die de onbegrensde creativiteit van Thijs Goverde illustreert. Als comedian is het niet verwonderlijk dat z’n verhaal zowel helder als toegankelijk én goed gebracht is, en dat op hoofdlijn in spreektaal. Humor en een kwinkslag zijn nooit ver weg. Steeds meer lees je de boodschap: ‘combineer teelten’, waardoor je al snel bij voedselbossen terechtkomt. Hij startte met zijn eigen voortuin, huurde een volkstuintje en kocht daarna een terrein van 2 ha landbouwgrond en legde een voedselbos aan. Goverde verhaalt uit de praktijk en vertelt ook wat misloopt, en soms is dat heel veel. De eerste zes jaar groeiden zijn pecannotenbomen precies nul centimeter. Hij analyseert tegelijkertijd feilloos hoe je als burger in tal van processen tegen bedrog aanloopt en doorgrondt zo “de stupiditeit van het landbouwbeleid”.

Het boek is opgevat als een aaneenschakeling van korte columns, waarin hij ofwel zijn ervaringen deelt ofwel het beleid hekelt. Het eerste is meestal hilarisch, vooral als hij de reacties van derden beschrijft, het tweede is messcherp in zijn analyse. Het stikstofbeleid omschrijft hij als de aanpak van cholera met een paracetamolletje, ‘”niets doen” is ook een activiteit die je makkelijk kunt opschalen, ‘ook bosboeren zijn gevoelig voor mode en misverstand’, … Tot slot, waarom die opvallende titel, “de klootzakkenboom”? Uiteraard moet je een professioneel comedian niet leren dat je product makkelijker verkoopt als je in beeld loopt. De Staphylea pinnata is een veelvuldig gebruikte boom in voedselbossen. Hij heeft eetbare nootjes, althans als je niet op een inspanning kijkt. Omwille van de vorm van de vruchten, wordt hij ook “de klootzakkenboom” genoemd. “Wij voedselbossers hebben de klootzakkenboom, de veeteelt mag zich gesteund voelen door de klootzakken in onze regering”’ Comedians zijn meestal opvallend helder. 

https://www.uitgeverijblauwgras.nl/boeken/de-klootzakkenboom

 

Martine Van Huffel & Ruth Beretta, Het kruidenkompas: 12 maanden vol kruiden, recepten en remedies voor mens, dier en huis 

“Verorberen” is een woord dat we regelmatig met voedsel associëren, maar dan vooral in de zin van ‘nuttigen, ‘noodzaak’ en ‘inspanning’. Wat hier ontbreekt, is ‘genot’, enthousiasme, ‘appreciatie’. Kruiden helpen om uitgerekend die stap te zetten én voegen nog voordelen toe op het vlak van verteerbaarheid en gezondheid. “Zonder kruiden kunnen we niet goed leven”, schrijven Van Huffel en Beretta zonder meer. Ze maakten een ronduit mooi boek over kruiden dat alles bevat (kruidenplanning, kruidenkast, …).

Foto’s en tekst zijn in balans, het bevat behoorlijk wat informatie, meestal puntsgewijs en netjes per maand geordend, er is een index en er zijn tal van verwijzingen, het is vlot geschreven en het bevat tal van mooie, paginagrote foto’s. Maart geurt naar anijs, juli naar honing en hooi en november naar peper en koek, knolselderijsoep met daslook, een kruidenspiraal, frisse erwtensoep met munt, stokrozengelei, gezichtsstoombad met kamille, tijmsiroop, massageolie met sleedoornbloesem, … Een ideaal cadeauboek.

https://www.lannoo.be/nl/het-kruidenkompas

 

Alex Elliot-Howery, Jaimee Edwards, Ons Foodsaver Boek, de essentiële gids voor het bewaren, bereiden en verwerken van voeding

Een naslagwerk met een nobele boodschap. Wereldwijd wordt nog steeds zo’n 30% van alle voedsel verspild. Initiatieven als Waste Warriors, voedselbanken en Too Good to Go proberen elk op hun manier hieraan tegemoet te komen. Enkele jaren geleden brachten Ferm (“een inspirerend netwerk voor alle vrouwen en hun gezinnen”) en Lannoo een boek uit met de veelbelovende titel Ons Foodsaverboek. Het boek werd gemaakt door Australische koks, werd vertaald en de titel werd deels herbruikt, altijd makkelijk. Het telt meer dan 500 pagina’s en is een wat ongebruikelijk kookboek: je vindt geen foto’s van de gerechten. De associatie met Ons kookboek, het standaardwerk van de Boerinnenbond, en de Zilveren lepel voor de Italianofielen onder ons, is dan ook snel gemaakt. De focus ligt op wat je kan klaarmaken met voedselresten, niet op het inmaken en of lange tijd bewaren van voedsel (pekelen, drogen, zouten, invriezen, persen, gisten, …). Mooi en systematisch opgebouwd, met tal van kruisverbanden en een stevige index. Jammer dat er geen ingrediëntenlijst per gerecht werd opgenomen, je bent steeds genoodzaakt eerst het volledige recept te lezen als je verrassingen wil voorkomen. De Australische roots werden gelukkig niet gewist, je leest dus ook over kumquat, dhal en tarka.

https://www.lannoo.be/nl/ons-foodsaver-boek

 

Tom Peltyn, De wildste dranken 

Ook dit boek heeft alles van een ‘mooi cadeauboek’: het oogt als een kookboek, er staan behoorlijk wat aangename, mooie, grote foto ’s in, het heeft een aantrekkelijke lay-out en het speelt in op de actualiteit. Omdat alle voedsel gezond, natuurlijk, lekker en veilig moet zijn, wordt intens gezocht naar dranken zonder alcohol. Niet eenvoudig omdat bij vele dranken alcohol de drager is van de complexiteit aan smaken. Of nog, zonder alcohol is de drank niet lekker. Tom Peltyn staaft, samen met een tiental anderen, het tegendeel; juist dat is de sterkte van het boek, de veelzijdigheid, wat Peltyn omschrijft als ‘opgestapelde kennis’. Uiteraard is het allemaal niet nieuw, maar vele technieken belandden in de vergeethoek. Alle dranken zijn ‘natuurlijk’, meestal dorstlessend, soms medicinaal, soms roesopwekkend, of een combinatie van dit alles. Wat bieden ze? Een onvoorstelbaar breed pallet: ‘koffie’ van paardenbloemwortel en kleefkruidzaad, sleedoornsap, kruidige sinaasappelsapsiroop, kombucha met druivensap en vijgen, waterkefir, kersenmede, gagelbier, citroenzeste, kurkuma beer, vlierbessenwijn en -azijn, rozenshrub en nog heel veel meer. Als je Peltyn doorgrondt, voel je onmiddellijk dat je best nabij een voedselbos leeft.

https://www.vonkuitgevers.nl/de-wildste-dranken/

 

Lidion Zierikzee, Plant een zaadje: samen moestuinieren en natuur beleven 

‘Leer verbinden met ons eigen eten en de natuur om ons heen’ is het leidmotief van het boek. Begin bij het begin, met kinderen. Prikkel de aandacht voor natuur, laat zien hoe planten ontkiemen, opgroeien en wat later, recht uit de tuin, in je bord belanden en leer ervaren hoe lekker dat dat is. Maak er een mooi boek over, met kinderen en gewone mensen in de hoofdrol, met mooie foto’s, behoorlijk veel informatie, tekeningen die ook kinderen aanspreken en een aangename lay-out. Het boek bevat twee delen, een algemeen stuk en een uitgebreider deel over je leven in je moestuin, netjes geordend per maand. Je leest over wisselteelt, combinatieteelt, polycultuur, square foot gardening en permacultuur, karton leggen en nat maken, zaaien, stekken, composteren, mulchen, bouw insectenhotel, bak bloemenkoekjes en maak paardenbloemgelei, stek je tomatendieven, maak knoflookvlechten, … kortom, allemaal dingen die je leest in degelijke tuinboeken. De kracht van het boek? Maak een plan en begin eraan, het is echt niet zo moeilijk, en vooral, geniet ervan en doe het samen met je kroost.

https://knnvuitgeverij.nl/artikel/plant-een-zaadje.html

De tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op 11 mei 2026 https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/een-zevengangenmenu

donderdag 16 april 2026

Het verborgen leven van stenen

 Marcia Bjornerud


“Ik was altijd een goede leerling geweest, hoewel een beetje wijsneus, zo geef ik toe – behendig met woorden en behoorlijk goed in wiskunde”. Inmiddels is Marcia Bjornerud geoloog, professor en schrijver. Naast haar beroepen is ze ook een rasverteller: haar boek voelt dikwijls aan alsof je fictie leest. Ze blijft natuurlijk ook een wijsneuzig professor, maar het boek is geen opgedirkte cursus geologie. Ze vertelt over haar lotgevallen (verliefdheid, huwelijk, kinderen, tegenslagen …), diept gedetailleerde herinneringen op alsof het niets is, en weeft hier tal van geologische verhalen doorheen. Die schikt ze in tien hoofdstukken, met telkens een steensoort als kapstok.

Ze groeide op in een landelijke omgeving, met ouders die ook van boeken hielden. Telkens ze ten vreemde huize kasten aantrof zonder boeken, vroeg ze zich als achtjarige af waar deze zonderlingen die dan wel bewaren. Een woonst zonder boeken? Ondenkbaar. Tijdens haar opleiding geologie, begon ze na een paar weken in te zien dat de stenen archieven van veel oudere werelden zijn. Elke steen is een tekst die vertaald moet worden, een poort naar het hermetische rijk van het innerlijke leven van de aarde. Deze gedachte leidt naar de wetenschapspionier Linnaeus, die de levende natuur in drie grote groepen opdeelde: dieren, planten en … stenen.

Als jong meisje legde ze zichzelf voortdurend en herhaaldelijk op om een doos knoppen te sorteren. Ze faalde steeds weer. Ze kon geen dominant kenmerk ontwaren, en dus was er geen eensluidende ordening mogelijk. De knoppen tartten haar. Dit inzicht hielp haar in de geologie. De obsessie van de geologie met nomenclatuur heeft de geologen op een dwaalspoor gebracht, omdat het de nadruk legt op objecten in plaats van gebeurtenissen. Gesteenten worden voorgesteld als inerte materie, en niet als de van vorm veranderende tijdreizigers die ze zijn. Geologen denken in vier dimensies, inclusief de tijd. “Elk gesteente schrijft in codetaal zijn eigen autobiografie,” schrijft ze.

In tegenstelling tot flamingo’s of mangrovebossen hebben de meeste stenen een levensverwachting van tientallen tot honderden miljoenen jaren, waarbij ze zich in wisselende contexten bevinden. In tegenstelling tot hun reputatie zijn ze niet ongevoelig en onbewogen, maar afgestemd op hun omgeving en veranderen ze hun uiterlijk dienovereenkomstig, meestal geholpen door water.

Voor de lezer die zich geologiejargon wenst eigen te maken, is Bjornerud een droom. Je leert over subductie en decompressiesmelting, viscositeit en vesiculatie, mid-oceanische ruig, ignimbriet, pyroclastische stromen, uniformitarianisme en ga zo maar door. Ze sleept je mee naar expedities in Nieuw-Zeeland, de Apennijnen, Spitsbergen en Noorwegen; ze doordrenkt het boek met gedachten over mogelijke processen, argumenten voor en tegen, en de meeste aannemelijke verklaring. In haar verhaal zijn het de stenen die spreken, als “sedimentaire logboeken”. Als geologen denken we een speciaal inzicht te hebben in het verstrijken van de tijd, maar in feite kun je de werkelijke betekenis van de tijd alleen tijdens het leven zelf ervaren.

https://www.uitgeverijtenhave.nl/boek/het-verborgen-leven-van-stenen/

Deze tekst verscheen op de site van BBL op 8 april 2026 https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/doorbomen-en-aarden-drie-boeken

 

In de ban van de jaarring: onze oudste bomen en de verhalen die ze vertellen

Valerie Trouet


Mensen en stenen zijn niet de enigen die verhalen vertellen: ook bomen hebben wat te zeggen. De verknoping van bomen met emotie komt veel voor, zoals onlangs nog in Rik Van Puymbroecks Treurwil. Rik hangt aan de wilg een pleidooi op voor het recht op treuren. In In de ban van de jaarring steekt Valerie Trouet van wal met het verlies van haar moeder en de immer terugkerende gedachte aan de tuin van de ouderlijke woning, waar een eenzame lork staat.

Trouet, vooral bekend als gewezen wetenschappelijk directeur van het Belgische Klimaatcentrum, is niet aan haar proefstuk toe. In met Wat bomen ons vertellen bracht ze eerder de dendrochronologie onder de aandacht. In de ban is dan ook mooi verzorgd, voorzien van tal van tekeningen. Trouet leidt je binnen, waarna tien collega’s een verhaal weven rond een boom. Uiteraard mag hierin de reuzensequoia niet ontbreken, evenmin als de zomereik. Het boek neemt je onder meer mee naar Nieuw-Zeeland, Tibet en Chili. Je leest over een brandlittekenarchief, kosmologie, enorme spinnen, luchtwortels, bemonsteringen en de uitdagingen die daarmee gepaard gaan, zoals afbrekende boren.

Bij elk van de tien verhalen valt op dat de auteurs verwoede puzzelaars zijn. Dendrochronologie staat en valt nu eenmaal met het vergelijken van de jaarringpatronen van verschillende monsters; ‘kruisdateren’ in het jargon. Die taak krijgt ook de lezer opgelegd. Wat is de relatie tussen pakweg de Nieuw-Zeelandse kauri en de zomereik? Leeftijd? Vorm en structuur? Groeiplaats? Wellicht niet, maar toch ontstaat een verhaal. In tien boeiende, soms gelijklopende verhalen, pakken uitmuntende wetenschappers uit met gevolgde opleidingen en doorploegde literatuur. Boeiend, maar een meer expliciete motivering voor de keuze van bomen, plaatsen en auteurs had het boek ongetwijfeld sterker gemaakt.

https://www.lannoo.be/nl/de-ban-van-de-jaarring

Deze tekst verscheen op de site van BBL op 8 april 2026 https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/doorbomen-en-aarden-drie-boeken

Het leven van een boom: een beuk vertelt haar verhaal

Peter Wohlleben




Peter Wohlleben is een fenomeen. Hij heeft al een tiental bosboeken op zijn naam staan en lanceerde het begrip ‘Wood-wide web’ om een verborgen, levende bodemgemeenschap van wortels en schimmels te omschrijven. Zijn levensverhaal leest bijna als een sprookje: van boswachter tot een wereldvermaard auteur, die het hof gemaakt wordt door diverse mondiale boekuitgevers.

Het leven van een boom vertelt in 33 korte verhaaltjes het levensverhaal van één beuk, alsof die zelf aan het woord is. In het tweede deel schakelt hij over op de wetenschappelijke staving van elk verhaaltje; soms uitgebreid, soms kort. Het is een pleidooi voor het behoud van oude bossen: het aanpassingsvermogen van het gehele ecosysteem hangt namelijk af van hun welvaren.

Bomen worden bij Wohlleben personen: kleine zaailingen volgen onderwijs, er is een ouderraad, suikerdruppels doen dienst als betaalmiddel en zijn onderhevig aan budgetbeheer. Bomen denken met wortels, organiseren zich in gilden, en ga zo maar verder. Wohlleben geeft zelf aan dat hij die grens tussen non-fictie en fantasie nauwlettend moest bewaken, wat ongetwijfeld behoorlijk moeilijk was. Een voorbeeld? Hij beschrijft hoe aangetoond werd dat bomen water kunnen ‘horen’, en maakt de brug naar de toonaard die orkesten gebruiken voor het stemmen. Hij geeft zelf toe dat het een gedachte dat bomen dezelfde toon zouden gebruiken, aangenaam vindt, maar erkent ook het risico te overdrijven met deze ‘dichterlijke vrijheid’. Voor diverse stellingen zijn de wetenschappelijke bronnen beperkt in aantal, soms keert hij doel en gevolg om ten opzichte van de bestaande wetenschappelijke vaststellingen. Streeft een boom ernaar mastjaren te beleven, of is dat gewoon wat gebeurt? Wohllebens oude beuk spreekt in ieder geval met de buurbomen, denkt na over leven en dood en gebruikt haar wortelstelsel als denkorgaan.

Is zijn verhaal wetenschappelijk juist? Er zijn voorbeelden zat van pionierende wetenschappers die, achteraf bekeken, onjuiste zaken poneerden. Omgekeerd hebben ook romantici het soms bij het rechte eind. Wohlleben is niet de pionierende wetenschapper, maar de man die de boodschap in aangename vorm uitdraagt. Bomen die stilstaan bij leven en dood: een mooie kapstok om het belang van dood hout in het bos te brengen, maar evengoed een fantasie. Of hij gelijk zal krijgen, zal de toekomst uitwijzen: vandaag mogen we alvast genieten van een inspirerend verhaal. 

https://www.awbruna.nl/boek/non-fictie/peter-wohlleben/het-leven-van-een-boom/

Deze tekst verscheen op de site van BBL op 8 april 2026 https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/doorbomen-en-aarden-drie-boeken

 

woensdag 4 maart 2026

Een school voor olifanten

 Sophy Roberts




“Het [is] moeilijk om over een land en een verleden te schrijven als je van buitenaf naar binnen kijkt,” mijmert Sophy Roberts wanneer ze haar reflectie in het raam van een trein ziet. Onnodige nederigheid, want ze doet dat schitterend.

In het begin van de 19e eeuw telde Afrika 26 miljoen olifanten. Dat kon Leopold echter worst wezen: hij bracht vier tamme beesten uit India mee als efficiënt transportmiddel, om zo snel en zo veel mogelijk waardevolle zaken uit Congo te verslepen.

Na Verdwenen piano’s van Siberië biedt ze opnieuw een boeiend en intrigerend verhaal aan. Ze beschrijft het kolonialisme aan de hand van een opmerkelijk voorbeeld, een Belgisch. Ze vertelt een vergeten verhaal. In 1879 werd, op bevel van Leopold II, een expeditie opgezet die vier Indiase olifanten naar het Tanganyikameer moest brengen. Merkwaardig, want ook al telt Afrika vandaag minder dan 500.000 olifanten, waren dat er in het begin van de 19 eeuw nog ongeveer 26 miljoen. Dat kon Leopold echter worst wezen: hij bracht vier tamme exemplaren mee als efficiënt transportmiddel, om zo snel en zo veel mogelijk waardevolle zaken uit Congo te verslepen.

De originele karavaan telde een honderdtal mensen, allen te voet. Op basis van notities en tekeningen volgt Roberts het traject, zelf voorzien van een volledig uitgeruste terreinwagen, uitstekende kaarten, een GPS, een telefoon en een adresboek. Toch verliest ze verschillende keren het spoor, omdat het landschap zijn identiteit verloren heeft. De ondoordringbare acaciabossen, metershoog en met lange doornen, zijn verdwenen; een kale, droge vlakte resteert. Ze merkt op dat de parallellen tussen beide tochten, zowel wat omgeving, context als doel betreffen, volledig ontkoppeld geraakt zijn.

Sophy Roberts is een uitmuntend verhalenverteller. Ze is geschiedkundige, en dus vertrouwd met het doorploegen van archieven, en journaliste, die onder meer voor de Financial Times schrijft. Ze kijkt graag kritisch en houdt van context: alleen al de eindnoten beslaan ruim 50 pagina‘s. Ze is erg beschrijvend, maar koestert sporadisch het understatement (Leopold “was notoir gevoelig voor minachting”) en biedt ruimte aan poëtische overpeinzingen (“de zon kwam op en kluiten helderwitte wolken hingen roerloos …”, “het geleende maanlicht”, …).

Ze gebruikt de olifantenexpeditie om de mechanismen van het kolonialisme bloot te leggen. Ze geeft voorbeelden om aan te tonen dat er niets veranderd is. Een lokale bewoner stelt: “Ontdekkingsreizigers komen kijken wat we hebben, welke grondstoffen, en net als alle anderen komen hun mensen vervolgens alles wegroven. Ze suggereert dat vandaag bijvoorbeeld Oman en China die rol spelen. Maar, niet te vergeten: de originele expeditie was deel van de ‘Wedloop om Afrika’ en mondde uit in decennia van gewelddadige Europese overheersing. Roberts benadrukt hoe meedogenloos Leopold was; hij zag zich in 1908 met tegenzin verplicht zijn privé-bezit Congo aan de Belgische staat te verkopen, omdat de buitensporige mensenrechtenschendingen hem geen andere keuze lieten. Hij wordt verantwoordelijk geacht voor de dood van ongeveer 10 miljoen Afrikanen, en dat in een periode van slechts 23 jaar (1885 – 1908). Frappant is hoe de Europeanen zichzelf toch legitimeerden: ze schreven bewust een foute versie van de geschiedenis, hielden vol dat ze een toekomst voor Afrika bouwden, dat het continent naar hun komst uitkeek. Het verhaal is mooi, pijnlijk en onthutsend. Roberts neemt je op sleeptouw en biedt je regelmatig het gevoel dat je mee op expeditie bent.

https://www.lannoo.be/nl/een-school-voor-olifanten

Deze tekst verscheen op 23 februari 2026 op de site van BBL https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/de-olifant-de-kamer