Marie Gevers
De Belgische Marie Gevers (1883-1975) publiceerde La Comtesse des digues voor het eerst in 1931. Sindsdien werd het verschillende keren heruitgegeven en vertaald. Het verhaal speelt zich af in en rond het Antwerpse Weert, wat we vandaag het Nationale Park Scheldevallei noemen, met de daarbij horende grienden, mandenvlechters, wielen, schorren, dijken, notelaars, alom, en uiteraard de suprematie van de getijdenrivier. De Schelde heerst, de bewoners schikken zich.
De dijkgraaf sterft en al snel borrelt de vraag op wie hem opvolgt. Niemand kent en leest de Schelde beter dan zijn dochter, maar een jonge ongetrouwde vrouw aan het hoofd van een organisatie die de belangen van talloze individuele – en vaak mannelijke – eigenaars behartigt, ligt niet echt voor de hand. De dochter voelt zich alleen op de wereld, is onzeker en zet schuchter en behoedzaam stappen, zowel privĂ© als professioneel.
Zoals te verwachten kijkt een trits betweters over haar schouders. Mooi is niet enkel hoe ze haar weg zoekt, maar vooral hoe ze de individuele belangen koppelt aan het maatschappelijke belang. Nu eens wordt ze bekoord door een karekiet, dan weer door de wind die zacht over haar armen streelt. De verwevenheid van beide zoektochten en de boeiende beschrijvingen van de natuur maken het verschil. In het nawoord, ‘De verloofde van de Schelde’, geeft schrijver Annelies Verbeke verdere duiding.
https://uitgeverijweerwoord.be/de-dijkgravin/
Deze tekst werd gepubliceerd op de site van BBL op
29/7/2026, https://www.bondbeterleefmilieu.be/artikel/vijf-vrij-voortvloeiende-vakantieboeken